Maart 2015 – De Bullewijker

Soms valt er wekenlang weinig te genieten voor ‘een screener’ van een Spiegelkarperproject, en dan ineens tuimelen de mooie meldingen over elkaar, zoals afgelopen week. Zo hectisch als afgelopen Paasweekend was het zelden. De match van een verder modale projectspiegel uit hartje Amsterdam met een Lekkarper was de meest verse beloning van een ‘je-weet-maar-nooit-initiatief’ van Simon Dekker, screener van het Lek-SKP. “Laten we ‘m maar de Bullewijker noemen, dat bekt goed,’ zei hij in een opgewonden telefoongesprek. De vis bleek een vaste klant te zijn op verschillende stuwstukken van Lek en Nederrijn! Ik was juist de gegevens in het archief aan het invullen toen de telefoon weer ging. Simon: ´Joris, dit ga je niet geloven. Ik krijg net een bericht met een foto van Gerrit Verschoor. Z’n maat heeft afgelopen nacht een spiegel gevangen op de Rijn dichtbij stuwvak 1: Wat denk je: de Bullewijker…!”

Peter Bos met z’n Paassurprise nabij Maurik

Simon had nog iets. De werkelijkheid laat zich slecht regisseren en doseren: een andere superkandidaat voor deze rubriek veroorzaakte bij Simon en mij nog veel meer opwinding. Onthoudt de naam alvast: ‘de Pendelaar’. Nu alleen cliffhanger, binnenkort in deze bioscoop…!

 Eerste ontmoeting

De naam Bullewijker heeft de vis te danken aan het feit dat deze Valkenswaarder uit 2002  toevallig (hoewel? Ik was indertijd hofleverancier van AHV- projectspiegels) bij mij langskwam aan het riviertje de Bullewijk.

Al sinds een jaar of twintig trek ik met mijn stalen roeiboot van plek naar plek. Half december 2006 besloot ik m’n ligplaats aan het Abcoudermeer te verruilen voor een een plek onder een brug van een door mij niet eerder bevist stuk water. Tijdens het langsfietsen had ik daar een paar weken eerder een schubkarper tegen een rietkraag zien rollen. Het was een bijzonder zachte voorwinter en mede gezien de goede weersvooruitzichten was ik niet te houden. Hier viel wat te halen. Ik laadde m’n fiets en m’n visspullen in de boot, nam de riemen en begon aan de tocht van een kilometer of 5. Goed te doen in een uur, dacht ik… Ik had me niet alleen zwaar verkeken op het kale polderlandschap maar ook op de kracht en vooral de richting van de wind. Er waren stukken dat ik meer achteruit dan vooruit ging. Alleen het beeld van de springende karper hield me in koers. Ik werd uiteindelijk gered door een stel snoekvissers met buitenboordmotor. Niet direct filantropen, ze passeerden me twee keer zonder me een blik te gunnen, maar het amechtig geploeter pal voor hun neus bleek uiteindelijk net voldoende voor een slepie tot halverwege.

Op de Bullewijk in december 2006Eind van de middag was ik ter plekke. Na een ligplaats veilig te hebben gesteld en m’n fiets op de kant te hebben gedropt kon ik het niet laten om de beoogde stek toch nog even te beproeven met pen en maïs. De diepte pal langs de zudden viel me zat mee en niet zonder hoop viste ik daar m’n eerste uurtje. Het zal een minuut of tien hebben geduurd toen de pen abnormale bewegingen begon te maken. Het zou toch niet echt? Jawel, de lijn liep strak en even later verscheen er een spiegelflank aan het oppervlak. Dubbelfeest! Geen bijzonderheden verder. De spiegel van net geen 6000 gram bevond zich op dat moment circa 11 km zuidelijk van het uitzetpunt en de groei was ronduit matig.  Zoals dat vaak gaat op goed onderhouden voerplekken, ving ik dezelfde vis drie weken later nog eens op dezelfde plek.

Tot augustus 2009 bleef het vervolgens stil rond de Bullewijker. Ik had intussen m’n visterrein allang weer verlegd en viste op De Diemen, niet veel verder van het uitzetpunt van de Bullewijker (het Amstelkanaal), maar in een heel andere richting dan het riviertje de Bullewijk en bovendien pal bij de doorgang naar het Amsterdam Rijnkanaal. In twee opeenvolgende sessies ving ik de Bullewijker daar even zoveel keer.

Op De Diemen nabij het Amsterdam-Rijkanaal

Daarna stokten de meldingen. Op open watersystemen duurt vergetelheid vaak een flinke tijd. Bladerend door de archieven valt je oog op al die oude bekenden en vraag je je af óf en waar je ze ooit terug zal zien. Wat als een karper als op drift raakt? Komt-ie ooit nog op een plek waar een serieuze karpervisser de moeite neemt de vis te fotograferen en de foto te delen met een project? Hele stukken van het open water worden quasi nooit bevist door karpervissers. De Lek en Nederrijn kennen gelukkig een aantal karpervissers die het avontuur en de vrijheid van het grote water verkiezen boven het pure jagen op grote vissen. Simon Dekker ging voor me op pad met SMS en whatsapp en wist twee vangsten van de Bullewijker te achterhalen tussen 2013 en april 2015. Bij Culemborg en voorlopig eindigend bij Maurik. Op Google Earth ziet dat er zo uit.

Vangstlocaties - Migratie - Bullewijker

Hoe uniek is dit verhaal van De Bullewijker eigenlijk? De omzwervingen van de Bullewijker passen perfect in een patroon dat we van steeds meer projectspiegels op open water zien. Een flink percentage verruilt in de loop van hun leven de vertrouwde omgeving voor iets totaal nieuws. Dat nieuwe kan zomaar vele tientallen kilometers verderop zijn, maar zover als dit is wel weer bijzonder. Als je de meest aannemelijke zwemroute meet tussen het uitzetpunt en de laatste vangmelding met Pasen kom je uit op circa 90 km! Dat concurreert met verschillende AHV-projectspiegels die rondom Kampen terecht zijn gekomen.

 

Wat de karpers precies triggert om een sector te verlaten is onduidelijk. Paaidrang zou zomaar eens een belangrijke drijfveer kunnen zijn. Dé verbinding tussen Amsterdam en de Rijn is het Amsterdam-Rijnkanaal. In 2009 ving ik de Bullewijker op nog geen honderd meter van dat kanaal. Het kan niet anders of de vis heeft die route gevolgd. Het karakter van het kanaal verschilt echter hemelsbreed van De Diemen en zeker ook van de Bullewijk. Ik stel me voor dat eenmaal verzeild geraakt op het kanaal de Bullewijker de omgeving ervoer als een snelweg zonder McDonalds of romantisch park. Doorracen dus maar. En dan na ruim 50 km De Lek. Voor een vis met paaidrang: een zesje. Maar dan de nevengeulen en natuurontwikkelingsprojecten in Lek en Nederrijn:  een dikke 8. Is dat een garantie dat de vis daar blijft? Absoluut niet. Voor hetzelfde geld keert ie terug naar de Bullewijk (ik verheug me al), maar de screeners van stuwvak 0 bij Arnhem en die van de IJssel zijn bij deze evenzeer gewaarschuwd.

 

Gerrit Verschoor - Mei 2013 op de Lek bij Culemborg

 

Deze match laat als je het mij vraagt nog veel meer zien? Bijvoorbeeld het grote belang van het uitwisselen van foto’s van ongevonden projectspiegels. Of de kracht van de wijze van monitoren van SKP-en. Is een ontdekking als deze niet nog een veel vettere beloning dan we met z’n allen konden bedenken toen we in 1998 begonnen met Spiegelkarperprojecten? Hoe doodzonde zou het zijn als we nu zeggen: “Zo is het wel genoeg geweest met dat volgen van die spiegels op open water. Ze zwemmen toch: daar gaat het toch om?” We hebben goud in handen. Zolang we maar het geduld op kunnen brengen om, dwars tegen korte termijnplanners in, keer op keer te bedenken hoe groot het belang en het plezier van monitoring is. Het uiterlijk van de Bullewijker toont tenslotte aan hoeveel baat onze monitoring heeft bij spiegelkarpers met een behoorlijk schubbenkleed.

 

De Bullewijker woog bij de laatste vangst even boven de 10 kilo. Dat is zelfs voor dit type onder de maat, maar who cares als je schoonheid ziet en helemaal als je de unieke levensloop van deze vis er als cadeautje bij krijgt?

 

Joris Weitjens

 

Facebooktwittergoogle_plusmailFacebooktwittergoogle_plusmail