Maart 2013 – De Buurspiegel

Op 10 december 2011 werd er een vrachtje Peschkespiegels geleverd in Lelystad, ten behoeve van de SKP Hoge & Lage vaart oostelijk Flevoland. Helaas kon ik, een van de initiatiefnemers, er die dag niet bij zijn.  De over het algemeen kale visjes vonden hun weg in het labyrint van de Hoge en Lage vaart van Flevoland. Dit labyrint omvat een wirwar van grachten, sloten en vaarten dwars door de grote polder. Wanneer je zo 150 spiegeltjes uitzet vraag je je af waar dat blijft, het komt echt over als een speld in een hooiberg.

Dit in het achterhoofd houdend; een half jaar later vaar ik met het gezin zoals zo vaak een middagje door het labyrint. Wanneer ik de gracht waaraan we wonen invaar, met manshoog riet aan weerskanten, heb ik net te laat door dat onze buurman aan het karperen is vanaf de steiger waar onze boot normaal gesproken ligt. Nog net op tijd geef ik volgas achteruit, alsof er nog wat te redden valt, en zet daar onbedoeld de hele gracht mee op stelten gezien de enorme zwarte wolk onder water (en boven de pk’s). De rietkragen die door de golven heen en weer wuiven en de vele boeggolven die alle kanten opstuiven spreken boekdelen… “Sorry Buur” is het enige dat mij nog rest. Hij begrijpt het (on)gelukkig, maar baalt zichtbaar. Nadat het gezin aan wal is gehesen, met het nodige gestamp in de boot en op de steiger, schuift Buur een meter of tien naar rechts en laat prompt zijn pennetje nog maar eens tussen het drijfvuil zakken.

Wanneer ik met spullen heen en weer loop, zie ik plots Buur met een kromme hengel staan. Het eerste wat ik natuurlijk denk is ‘rommel’. Als ik hem achterom zie kijken, zoekend naar zijn schepnetje besef ik dat het menens is. Ik zet net de hele gracht op stelten en hij haakt 5 minuten later een karper, die zal wel vals zijn…

De vis vecht belachelijk hard, en als het beestje boven komt valt mij in eerste instantie op dat het een regelrechte knol is die weldegelijk goed gehaakt blijkt te zijn, maar het mooiste is dat het een kaal spiegeltje betreft!

We nemen wat foto’s en Buur vertelt doodleuk dat Ernst van der Sluijs, een andere buurtgenoot, diezelfde week ook al spiegels wist te vangen met nota bene een vlieghengel. Mijn mond valt open van verbazing, niet alleen om het feit dat hij ze met de vlieglat wist te strikken maar meer nog omdat dit maar één ding kan betekenen. Deze spiegels moeten wel van de uitzetting zijn! Als je niet beter zou weten zou je bijna gaan denken dat die Hakkert stiekem een teiltje voor de deur heeft losgelaten…

Diezelfde avond plopt inderdaad een bericht van Ernst aan onze karpercommissie op het scherm.

De 'Buurspiegel' gevangen aan een vliegenhengel

SKPHL December 2011 Nummer 90

“Na mijn vangst van de zesde projectspiegel, die ongefotografeerd en ongemeld werd teruggezet, kreeg ik last van een schuldgevoel. Ik nam mij voor om de eerstvolgende projectspiegel, die ik zou vangen wel te fotograferen en terug te melden.

De vangstlocatie is natuurlijk topgeheim, al zal ik wel de aanwijzing geven, dat Raymond vanuit zijn voortuin op deze stek kan vissen met een onderhands worpje…” 

Ik duik in ons SKP-archief van december 2011 in en de vermoedens worden direct bevestigd. Het is nummer 90, een makkelijk herkenbare vis.

SKPHL 90 Route

Ik heb er in ieder geval een paar ‘huisdieren’ bij.

Raymond Hakkert

 

Vlak na uitzetting blijven karpers meestal in de buurt van het uitzetpunt rondhangen. Na 1 tot 3 uur zie je groepjes  in grootte van 5 tot 30 stuks richting kiezen en verder weg van het uitzetpunt (rollend aan het wateroppervlak) opduiken.

 

Bij een aantal projecten is er een duidelijke voorkeursrichting vastgesteld. Die voorkeur kan met stroming, maar evengoed ook met het magnetisch veld te maken hebben. (Zoals is aangetoond heeft dat invloed op zwembewegingen van karpers.)

 

Heel opvallend is dat een behoorlijk deel (ook in de winter) direct substantieel (5 tot 25 km) aan het zwemmen slaat. En dat zonder al te vaak af te slaan, dus langs rechte lijnen. De buurvissen zijn wel van het rechte pad af geraakt.

 

Gezien de datum van begin juni en het feit dat de sloot geen doorgaande route is lijkt het logisch dat paaidrift het groepje vissen in het kielzog van autochtone schubs van de hoofdvaart de ondiepe sloot naar Hakkerts huis in heeft getrokken. Het zal wel meer oefenen zijn dan iets anders, maar k2 vissen hebben we vaak genoeg mee zien paaien met de volwassenen.

 

De integratie met oorspronkelijke bewoners duurt bij karpers gemiddeld een jaar of drie. Na die tijd komt het niet zo vaak meer voor dat je meer dan twee ‘teilgenoten’ afgezonderd samen aantreft. Bovendien is trouw aan dezelfde paaiplek door de gegevens van SKP-en nog niet vastgesteld.

 

Raymond hoeft dus niet bang te zijn dat hij er veel hunkerende huisdieren heeft bij gekregen. Jaarlijkse gasten zullen er vast wel tussen zitten. Mocht dat no. 90 zijn dan horen jullie dat.

 

Joris Weitjens

Facebooktwittergoogle_plusmailFacebooktwittergoogle_plusmail