Fiets ‘m erin!

Te land, ter zee en in de lucht. Wie kent het niet? Iedere keer weer lachen, sinds 1971 intussen.

Het laden en lossen van karper doet me spontaan aan bovenstaand denken. Met dat verschil dat het commentaar van Jack van Gelder ons elke keer deed lachen, terwijl het behandelen van karper bittere ernst is.

Daar komen ze !!!

Daar komen ze !!!

Het is een slecht bewaard geheim, wij – karpervissers – kijken er anders tegenaan dan de kwekers of leveranciers in kwestie. Wij zien die driezomerige karpers als onze toekomst, voor menig kweker/leverancier is het niet meer dan een product (dat voor brood op de plank zorgt). Toch krijgen de kwekers/leveranciers meermaals de boodschap dat het wel wat zachter, omzichtiger mag. Er worden heus wel stapjes gezet, maar in onze opinie zijn die stapjes vooralsnog te klein, is het te schoorvoetend allemaal.

Niet zo netjes

De meest gebruikte methode is en blijft het uitscheppen van karper met de klassieke netten. Niet meer dan een metalen frame met daaraan bevestigd een net in touw. Dat touw is zelden of nooit gecoat, waardoor de twee gekartelde harde stralen van de vinnen er bijzonder snel in vastzitten. Al eens zo’n onschuldige spiegelkarper zien bungelen, verstrikt in het schepnet? Gevolgd door een stevige ‘rammeling’, in de hoop dat de vinnen als vanzelf loslaten. Geen fraai zicht! Je moet voor de gein eens goed de handeling van zo’n kweker/leverancier bestuderen? Dat losschudden is bij sommigen al een automatisme geworden. Het net wordt omgekeerd, gevolgd door een standaard-tik als afsluitende beweging. Straf! Anderzijds… dat gefrunnik om zo’n gekartelde vin los te pulken is ook niet meteen bevorderlijk voor het welbevinden van de karper.

Recent was ik getuige van nog meer ‘doen zonder denken’. Het net had er kennelijk zijn beste tijd opzitten, en gaten werden dichtgemaakt met plastic spanbandjes (tie rips). Dat sluitinkje van zo’n spanbandje én het afgeknipte uiteinde zijn echte wonden-makers. Je zal als strakke spiegelkarper net helemaal onderin het net met je flank op zo’n spanband liggen, met nog acht andere spiegels boven op je. Als je dan gaat spartelen… Ongewilde zelfverminking!

Vol genoeg!

Vol genoeg!

Roofvissers (maar ook witvissers) gebruiken steeds vaker gecoate netten, of netten die volledig uit rubber bestaan. Wanneer je een kweker hierover tipt, dan hebben ze het allemaal wel al eens geprobeerd, maar blijkt de stevigheid en duurzaamheid van zo’n netten onvoldoende. Hier valt dus zeker nog winst te boeken, alleen hebben we daar – als visser – maar beperkt invloed op.

Blij dat ik glij

Je ziet ze weleens opduiken. De glijbanen. Karper wordt met regelmaat via de ‘schuif’ gelost. We kunnen hier, (zolang daarmee het stadium van fotograferen op de plank niet wordt overgeslagen!) alleen maar vrolijker van worden, al helemaal wanneer je weet hoe onverbiddelijk zo’n ritje in het schepnet van de kweker/leverancier wel is.

Toch zie je die glijbaan ook ingezet worden op een manier die net echt dier (karper)vriendelijk lijkt. Mogelijks zijn wij – vissers – iets te kleinzerig, maar soms gaan die troetels echt met een doodsmak ‘het bad in’. Er zijn dus wel wat voorwaarden om dat glijden deugdelijk te laten verlopen. We zetten ze even op een rijtje.

  1. Start met voldoende water in de tank, zo valt de karper minder ‘diep’.
  2. Zorg dat het ontvangend vat zo hoog mogelijk is, waardoor het verval klein is. Een zwembadje van 50 cm hoog is dus geen aanrader.
  3. Hou de hellingshoek van de glijbaan klein.
  4. Zet de ontvangende tank in lengterichting, zo is de afstand tussen glijbaan en wand groter
  5. Voorzie een ‘stootkussen’. Denk aan een onthaakmat die je positioneert voor de wand waar de vissen heen vliegen, dit verzacht een eventuele smak tegen diezelfde wand.
  6. Laat de kweker eerst wat water uit de tank aflaten. Zo is de uitstroom/het debiet lager, en nemen de vissen niet zo’n snelheid/versnelling.

Voldoet het lossen via de schuif aan bovenstaande voorwaarden, dan is dit verreweg de beste manier om karper te lossen.
Stel het gebruik van de schuif gerust zélf voor aan de kweker/leverancier. Vijf van de zes opgenoemde puntjes heb je zelf in de hand, de keuze is aan jou/jullie!

Niet de meest scherpe plaat, maar wél een goede opstelling van de schuif

Niet de meest scherpe plaat, maar wél een goede opstelling van de schuif

Werk maken van voorwaarde 1 en 6

Werk maken van voorwaarde 1 en 6

Dit kan (veel) beter !

Dit kan (veel) beter !

Verdoofd?

Toch zijn er ook goede veranderingen gebeurd, de afgelopen jaren. Corten voegt sinds twee jaar een verdovend middel toe aan de transportbak, waardoor de karpers rustiger zijn tijdens het transport. Van zodra de vissen in de bak (of zwembad, of wat je als vrijwilliger ook hebt klaar staan) met vers water terechtkomen, zie je de activiteit met de minuut toenemen. Vraag maar aan de mensen die de vissen één voor één fotograferen. Het eerste kwartier kan er echt stevig doorgewerkt worden, daarna start zoetjesaan het gespartel.

Dat verdoven bij transport kent zijn ‘oorsprong’ in de wereld van koi. Als je weet over hoeveel duizenden euro’s het daar wel eens gaat, dan mag je aannemen dat die verdoving verder geen kwalijke gevolgen heeft voor de vissen, en bij uitbreiding andere organismen.
Een methode die gerust navolging mag kennen bij andere kwekers!

Afsluitend…

De weg tussen afvissen van de kweekvijver en het finaal uitzetten is erg lang. Bezaaid met vele obstakels, doorspekt met tal van stressmomenten. Ideaal wordt het nooit, eerlijk is eerlijk. Durf evenwel binnen je vereniging voorwaarden stellen rond het lossen van karper. Misschien maakt net dat ene procentje het verschil!

Filip Matthys

Facebooktwittergoogle_plusmailFacebooktwittergoogle_plusmail